1939-1945


Oprichting (1939)
 
De Asser Christelijke Voetbalvereniging is opgericht op 8 april 1939.
Initiatiefnemer van de oprichting Gerben Wielenga was indertijd de 24 jarige zelfstandig boekhandelaar in Assen. Als leider van de Gereformeerde knapenvereniging waar zo’n 40 jongelui bijeen kwamen hoorde hij de wens aan dat zij graag in georganiseerd verband wilden voetballen. In de Asser kerkbode werd de jeugd opgeroepen om op 8 april 1939 naar zaal Wiltjer in de Kloosterstraat om te komen tot de oprichting van een christelijke voetbalvereniging. Liefst 83 leden meldden zich die bewuste avond aan. Er werd een voorlopig bestuur gekozen met als eerste voorzitter Gerben Wielenga. 
Op de eerste ledenvergadering van 11 mei 1939 werd besloten dat de vereniging “De Zwaluwen” ging heten. Op 12 september 1940 behandelde het bestuur een brief van de Nederlandse Voetbal Bond over de aanmelding van “De Zwaluwen”. Hierin kreeg de vereniging de opdracht haar naam te veranderen omdat er in het noorden reeds een vereniging bestond met de zelfde naam, namelijk "Leeuwarder Zwaluwen". Pas op de ledenvergadering van 16 januari 1941 werd voor het eerst in de notulen officieel melding gemaakt van de naam “ACV” die staat voor Asser Christelijke Voetbalvereniging.
 
1940 - 1945
 
Eerste trainer en "manager"
 
De aspiranten werden al enige tijd op woensdagmiddag door Jan Geertsema getraind. Hij was iemand die ronduit discipline eiste. Op de ledenvergadering van 11 juli 1939 in "Ons Huis" aan de Javastraat werd besloten het aanbod van Dhr. Henke de Vries aan te nemen om het 1e en 2e elftal te gaan trainen op de maandagavond. Hij werd de eerste officiële trainer van onze vereniging die dit overigens geheel belangeloos deed.
Omdat Jan Geertsema in de praktijk van het begin zo'n beetje alleen de dienst uitmaakte als elftalcommissie (het, zeker voor die tijd, beladen woord "dictator" werd zelfs nog doorgehaald in de notulen), groeide hij langzamerhand uit tot de "manager" van de club. Een doener in hart en nieren, maar ook iemand die stond voor de instandhouding van waarden en normen. Op menige vergadering ontpopte hij zich als het geweten van de vereniging door soms met strafpredicaties te wijzen op mentaliteit en discipline.
Op de Jaarvergadering 23 april 1940 in hotel "De Kroon" aan de Gedempte Singel werd de trainer Henke de Vries voor zijn zwoegen en voor de met de teams behaalde prestaties geroemd, bedankt en beloond met ..... een schemerlamp!
 
Het eerste clubblad
 
Het werd 1 februari 1941, toen het eerste nummer van "de ACV-er" uitkwam. De eerste redactie bestond uit oud-voorzitter Wielenga en Ruurd Faber. Het bestuur besloot dat de leden het clubblad bij vooruitbetaling zouden ontvangen.
In de periode februari 1941 tot en met november 1942 verscheen de ACV-er als maandblad.
In november '42 moest het cluborgaan echter op last van de bezettingsautoriteiten verdwijnen. Het was voor de onverschrokken doelman van ons eerste team een uitdaging om het dan maar illegaal te laten verschijnen. Ruurd Faber, die tijdens de oorlog contacten onderhield met het verzet en ook zelf verzetsacties niet schuwde, zette door, zodat er zelfs in maart 1944 nog een jubileumnummer uitkwam. Toen kwamen er problemen met de beschikbare papiervoorraad en drukinkt. Ook drukker Tobi van “Hajeto” aan de Molenstraat lag onder vuur. "De ACV-er" verscheen niet meer en verzetsman Ruurd Faber dook einde 1944 onder toen hij in de gaten kreeg dat het net zich langzaam om hem heen begon te sluiten.
Het was een wonderlijk feit, dat zowel de redacteur als de drukker, nadat ze door de Duitsers waren opgepakt, elkaar in maart 1945 in het Huis van Bewaring aan de Brink in Assen  weer terug zagen. Hun hobby, de ACV-er, werd een gespreksonderwerp van deze celgenoten. Ze hadden zelfs de moed om plannen te maken. De afspraak tussen beiden was, dat zo gauw de bevrijding een feit zou zijn het eerste nummer van het clubblad op oranje papier zou verschijnen. Het is er echter niet van gekomen. Belangrijker was dat beide mannen gelukkig de oorlog overleefden.
Pas in januari 1946 zou het vertrouwde ACV-clubblad, zelfs in verbeterde uitvoering, weer bij de leden op de deurmat liggen.
 
Het gezicht van ACV

 

Voorzitter Otto Verveld speldt Jan Klok de 40 jaar lidmaatschapspeld op in 1979.

Vanaf januari 1941 verscheen een belangrijke man voor ACV ten tonele. De reeds vanaf mei 1939 lid geworden Jan Klok van Graswijk werd benoemd als lid van de elftalcommissie. Het begin van een lange carrière in onnoemelijk veel functies binnen het kader van ACV.

Tientallen jaren was hij ondermeer lid van de elftalcommissie, jeugdleider en ontdekker van veel talent binnen de vereniging en daarbuiten. Een "voetbaldier" in hart en nieren.
In de uitgave van 50-jaar ACV werd al met recht aandacht aan deze ACV-persoonlijkheid geschonken middels een interview. Via Volika, het bedrijfsteam van de Psychiatrische Inrichting Licht en Kracht, waar hij medewerker was, belandde Jan Klok bij ACV. Hij is eigenlijk nooit weer weggeweest, ACV was zijn club. Door de jaren heen heeft menigeen zich niet aan de indruk kunnen onttrekken, dat men bij het zien van Jan Klok gelijk aan ACV dacht. Hij was een van de mensen die je "het gezicht van ACV" zou kunnen noemen. Jan Klok overleed op 14 mei 2000 en was 61 jaar lid geweest van ACV.
 
Voetballen aan de Broeklaan
 
Overleg met de N.V. Sportpark leverde voor ACV in 1941 een "nieuw" voetbalveld op. Het nieuwe hoofdveld kwam beschikbaar aangezien dit verlaten werd door de opgeheven voetbalvereniging "Upward". Het terrein was gelegen aan de Broeklaan (thans veld 3) tegenover de woning van de toenmalige bewoners de familie Smit.
Een, voor die tijd, comfortabele kleedgelegenheid was er in de serre van het toenmalige café "Tivoli", dat gestaan heeft op de hoek Hoofdlaan-Broeklaan.
 
Duels tegen de buren
 
Om de teamgeest te bevorderen werd besloten dat het reizen met eigen vervoer of auto's niet meer mocht voorkomen. Voortaan zou het reizen met elkaar in één bus geschieden. Nu was de aanduiding "bus" misschien iets te hoog gegrepen, want weldra zouden de vervoersmogelijkheden drastisch worden beperkt. Men mocht dan al blij zijn met een vrachtauto of iets dat daar op leek.
Voor de “verre” reizen b.v. Oranje Nassau Groningen maakte men lange tijd gebruik van de vrachtwagen van de firma Reiber. In de laadbak onder de huif stonden dan twee rijen banken, waarop de spelers plaats namen.
Gelukkig hadden we ook nog buren om tegen te voetballen. Enkele uitslagen uit 1940:
 
ACV 1 Asser Boys 2 12 3
ACV 1 Rolder Boys 1 8 1
ACV 2 Asser Boys 3 1 9
ACV veteranen Achilles 1894 veteranen 2 0
Asser Boys aspiranten ACV 3 6 4

 

 

Seizoen 1941/1942 met spannende reisjes
 
ACV kwam in 1941/1942 tot aardige successen. De voetbaltraining kwam in handen van eerste-elftal-speler Metske Westra, die zowel de senioren als de aspiranten onder zijn hoede had. Dhr. F. Boersma gaf de conditietrainingen.
In de maanden mei en juni was ACV zelfs op haar sportieve hoogtepunt. Onvergetelijk was de wedstrijd tegen de Achilles-combinatie op het grote Achilles-terrein. De uitslag na een enerverend duel, zeg maar veldslag, was 3-4, waardoor de blauwhemden wel even met het hoofd in de wolken liepen. Ook werden overwinningen behaald tegen DOS 1 (Drachten), Olympia 1 (Hoogeveen), Oranje Nassau 1, Eext 1, Asser Boys 2 en HSC (Hollandscheveld). De reis naar Hollandscheveld was een ware onderneming. Na de treinreis tot aan Hoogeveen, werd het elftal met paard en wagen naar het veld gebracht.
Op Tweede Kerstdag werd er in de sneeuw tegen Germanicus gespeeld. De reis per stoomtram naar Coevorden was voor sommige ACV-ers niet zonder risico. Vanwege illegale activiteiten jegens de bezetter waren sommigen van onderduikadressen gekomen. Controle op papieren tijdens de reis kon fataal zijn, doch ook de bezetter had verlof met Kerst en keek even niet zo nauw.
Na de wedstrijd tegen VAKO in Vries leek het echter wel mis te gaan. Een controle ontaardde in een handgemeen met de Duitsers, waarna de Assenaren een goed heenkomen moesten zoeken. Het had gelukkig geen gevolgen.
Het aspirantenteam won in dat jaar haar eerste (!) wedstrijd tegen de aspiranten van DOS uit Beilen met 4-2. In 1942 telde ACV 39 senioren leden, 9 aspiranten en 25 donateurs die de vereniging steunden.
 
Sportieve prestaties in 1942/1943
 
ACV-1 op 2e paasdag 1942 voor de  wedstrijd tegen Leeuwarder Zwaluwen.
Achter v.l.n.r: R. Alberts (best.lid), J. Bodzinga, Nieboer, G. Westra, A. Leiseboer, A. Bel (supp.), P. Gordijn, Hup (scheidsr.), J. Geertsema (leider).
Gehurkt: J.v. Faasen, M. Westra, H. Geertsema, J. Postema, A. Jansen, L. Kunnen.
 
Het eerste elftal moest een aardige veer laten omdat de technisch begaafde speler Age Leiseboer zijn heil ging zoeken bij Achilles '94. Binnen ACV bracht deze ambitie, eerlijk gezegd, een enigszins stilzwijgende "cultuurschok" te weeg.
Het eerste elftal speelde, ondanks de vervoersmoeilijkheden, 22 wedstrijden. Hiervan wist het 10 te winnen, 2 gelijk  te spelen en 10 te verliezen. Ook wist men in dit seizoen voor het eerst enige prijzen in de wacht te slepen. Op de sportdag van H.S.C. te Hollandscheveld veroverde het eerste elftal een beker en het tweede elftal een medaille.
 
Wisseling van de wacht
 
Op 8 april 1944 bestond ACV vijf jaar. Vijf moeilijke jaren zoals het jaarverslag 1943/1944, bijna in dagboekvorm, memoreert: ".... tot onze spijt moeten we constateren, dat het oorlogsmonster nog steeds, in nog vreselijker gedaante als voorheen, over onze lage landen aan de Noordzee woedt, waardoor onze vereniging het afgelopen jaar met grote moeilijkheden te kampen heeft gehad".
De verdere vordering van arbeidskrachten voor Duitsland en de krijgsgevangenschap affaire, waarvan tot dan toe 14 leden van ACV, waaronder secretaris/eerste-elftal-speler J. van Faassen en bestuurslid H. Ruiter slachtoffers waren geworden, baarden grote zorgen.
Nieuwe bestuursleden moesten voorlopig hun plaatsen innemen.  Voorzitter Dhr. S. Nauta trad af, officieel wegens drukke werkzaamheden, maar hij bleef wel bestuurslid. Voor hem werd Dhr. Arie de Bruin gevraagd het voorzitterschap op zich te nemen. Hij zegde toe dit te doen, totdat er betere tijden zouden aanbreken. Hieromtrent moet een soort bestuurscrisis zijn geweest, waarvan het fijne niet meer te achterhalen was. Ook in de notulen was deze zaak nogal in nevelen gehuld.
In 1943/1944 waren er 33 seniorenleden (exclusief de 14 leden in het buitenland) en 27 aspirantleden. In 1944 groeide de vereniging zelfs naar een totaal van 74 leden en waren er 32 donateurs.
 
Gefingeerde boekhouding
 
Vanaf 1942 was Roelof Alberts, sinds het prille begin lid en eerst al enige tijd bestuurslid, penningmeester. Hij zou, gezien de omstandigheden van de bezettingsjaren, er lange tijd, met medeweten van anderen (mandaat), een gefingeerde boekhouding op nahouden. De reden was natuurlijk, dat de bezetter geen zicht zou hebben op de werkelijke financiële positie van de vereniging die toch rooskleuriger was dan menigeen zou denken.
 
"Crimineel" verhaal
 
Ook een "buit gemaakte" partij voetbalschoenen in het voorjaar van 1944 bracht niet echt een oplossing. Een prachtige anekdote, maar eigenlijk gezien de omstandigheden wrang genoeg.
ACV-er Hendrik Geertsema, knecht bij de firma Lammerts, moest zich bij het door de Duitsers gevorderde pand van de Joodse zakenman Daan Gans aan de Varkensmarkt (thans Koopmansplein, 't Forum) melden voor een reparatie aan de waterleiding. In dit pand was een informatie- en propagandakantoor gevestigd waar alles op het gebied van nationaal-socialistische lectuur voor voornamelijk NSB-ers en landwachters verkrijgbaar was. Nadat hij zich bij de balie vervoegd had, werd hij de kelder ingestuurd. Daar trof hij naast het kelderraampje een dozijn voetbalschoenen aan. Deze voor de Duitsers onbekende ontdekking bracht de ACV-er aan het denken. Dus zette hij, rekening houdend met een eventuele inbeslagname, het kelderraampje reeds op een kier.
Bij ACV besloot men na rijp beraad en gezien de nood aan voetbalschoeisel, de schoenen "buit" te maken. Het gebod "Gij zult niet stelen", werd voor het gemak maar even aan de omstandigheden aangepast, het was immers bij de vijand. Het was dan ook een peuleschil om in het duister het hele handeltje uit de kelder te hengelen. Voorzitter Arie de Bruin werd medeplichtig gemaakt en kreeg de partij ter bewaring in zijn huis aan de Vaart.
De ontgoocheling was echter groot, toen bij nader onderzoek bleek, dat de zo dierbaar gekoesterde buit alleen maar uit rechter schoenen bestond. Waar de linker schoenen verstopt waren, is de betrokken ACV-ers altijd een raadsel gebleven.
 
Feestavond.
 
De jaarvergadering op 15 april 1944 in "Ons Huis" aan de Javastraat werd meteen gecombineerd met de feestavond voor de viering van het eerste lustrum. Hiervoor waren eerst oproepen gedaan of de leden distributiebonnen ter beschikking wilden stellen voor de aanschaf van de consumpties. Ook de dames van de leden en de aspirantleden waren op deze avond uitgenodigd. De gedachten waren uiteraard ook bij diegenen die gedwongen in Duitsland waren.
Na het zakelijke gedeelte, was het tijd voor luim en ontspanning. Het hele programma moest echter wel voor 22.00 uur afgelopen zijn, want dan ging de door de Duitsers ingestelde Sperrtijd in.
Ondanks de oorlogsomstandigheden konden de leden zich die avond kostelijk vermaken. Vele ACV-ers kwamen op de planken met voordrachten, sketches en liedjes over het voetballen en de vereniging uit de eerste vijf jaren.
 
Seizoen '44/'45
 
Tot en met juni 1944 bleef het clubblad verschijnen, nog steeds onder redactie van Ruurd Faber. Daarna stopten de stencilmachines. Het papier was op en de producenten doken onder.
Toch werd er tot september 1944 nog gevoetbald. Vaak op verschillende velden, zoals het terrein "Tetterode", het Asser Boys-veld en het Attila-oefenterrein, want het veld aan de Broeklaan was onbespeelbaar.
De uitslagen leken wel op die van een korfbalcompetitie:
 
Gasfabriek ACV 1 2 7
ACV 1 Gasfabriek 3 6
Be Quick 1 ACV 1 5 4
Rolder Boys 1 ACV 1 1 7
ACV 1 Rolder Boys 1 2 5
ACV 1 Oranje Nassay Gr.  3 4

 

Na september '44 was het met het voetballen en alle andere verenigingsactiviteiten gedaan.
Het jaarverslag 1944/1945 beperkte zich dus ook maar tot de periode maart -september 1944. Vanaf september 1944 tot maart 1945 kon er vanwege de door de bezetter genomen maatregelen, waaronder de arbeidsinzet, van voetballen en vergaderen niets meer komen.
Voorzitter de Bruin vertrok gedwongen voor 9 maanden. Secretaris L. Haaksma bleef zelfs een jaar weg. De overige bestuursleden kwamen voor het laatst op 27 juli 1944 bijeen en zouden elkaar pas weer op 4 mei 1945 treffen; maar toen was Drenthe bevrijd!
De laatste vergaderstukken bleken per abuis te zijn vernietigd, waardoor gezamenlijk de draad weer moest worden opgepakt. Hoeveel leden hadden we nog? Hoe was de toestand van de kas? Wat was er over van de accommodatie?
Er werd een ledenappèl georganiseerd om te kijken welke mogelijkheden er waren en de vereniging weer op de rails te zetten. Aan het eind van het boekjaar 1944-1945 stonden 34 leden boven de 18 jaar ingeschreven. Nog 20 leden vertoefden elders. Er waren 30 aspirantenleden. Het aantal donateurs kwam na een wervingsactie, waarin Dhr. F. Boersma het leeuwenaandeel had, op 80 (!).
 
De bal rolde weer in de resterende maanden in 1945
 
Na de bevrijding kon de bal weer aan het rollen gebracht worden. ACV speelde in de 7 maanden die 1945 nog restten 13 wedstrijden De eerste wedstrijd was al op 12 mei tegen H.V.A. 1 welke met 2-4 verloren ging. Enkele andere uitslagen waren:
 
ACV 1 PSVA (Politie) 11 1
ACV 1 Canadian Army 2 1
Canadian Army ACV 1 2 1
Asser Boys 1 ACV 1 12 2
MJV 1 ACV 1 3 5
Delen

voeg je eigen gadgets toe aan deze pagina!